Get Adobe Flash player

Whiskytrip Petro en Alex 2013

Rondtrip Schotland: Lowland, Highland, Speyside en Islay
Wanneer: van vrijdag 24 mei 2013 tot zaterdag 1 juni 2013

Wie: Petro Wouters en Alex Brus

De foto's van Petro en Alex kan je vinden onder de rubriek "Foto's" van onze website, onder "Schotland'' en dan "Whiskytrip Petro en Alex 2013". Neem alvast ook eens een kijkje op hun blog: http://schotlandtrip.reismee.nl/ ; onze leden bezorgden ons een knap reisverhaal met knappe foto's!

Dag 1 – 24 mei

Zo, de eerste dag zit erop. De rit naar IJmuiden duurde ongeveer 3 uur en verliep vlekkeloos met nauwelijks files.

Aan boord van de DFDS ferry checken we eerst onze kajuit. Deze blijkt ongeveer 2 m³ groot. Ik denk niet dat we hier veel tijd zullen doorbrengen. Na inspectie van de boot gaan we even kijken in de shop. Het aanbod whisky valt een beetje tegen. Veel standaard bottelingen. De prijzen vallen ook tegen. De flessen zijn hier wat duurder dan in België. De promoties zijn echter wel de moeite en we kopen alvast een Talisker 10 en een Aberlour 15. Hebben we alvast een ‘nachtmutske’ voor op de kamer.

We krijgen inmiddels honger en besluiten een tafel te reserveren in het Grill restaurant. Om 18u mogen we aanschuiven aan tafel en al gauw ligt er voor ieder 500gr. steak op ons bord. Daarna trekken we naar de Compass Bar. We zien op de kaart een tasting van 5 whisky’s (Glenfiddich 12, Balvenie 12 Double wood, Auchentoshan Springwood, Talisker 10 en de Laphroaig 10) staan voor maar 8,50€ . Da’s weinig dachten we. De hoeveelheid whisky per glas is echter miniem. We moeten opschieten dat ons glas leeg is of alle whisky is verdampt.

De zee is kalm en we hebben dus weinig last van de golven. In onze kajuit drinken we nog een aantal drammetjes van onze Talisker en Aberlour.


Dag 2 – 25 mei

Om 9u rijden we van de boot. Vandaag rijden we naar Pitlochry waar we een B&B geboekt hebben. Halverwege ons traject stoppen we bij de Glenkinchie Distillery. Deze distilleerderij ligt tussen de velden van Tranent, ongeveer 20 kilometer van Edinburgh. Eerst kregen we een tentoonstelling te zien ivm het distilleerproces, daarna kwam een dame ons halen voor een rondleiding. Omwille van zogezegd ontploffingsgevaar door alcoholdampen mochten we in de distillery geen foto’s nemen. Vreemd dat het in andere distilleries wel mag dus daarover is in Schotland blijkbaar geen vaste richtlijn. Mijn fototoestel ging echter ‘plots’ af en ik had ‘per ongeluk’ een foto genomen van een wash still. Deze still is de grootste van Schotland (> 30.000 liter). Na de tour mochten we een Glenkinchie 12yo en een Distiller’s Edition proeven.  Best wel ok maar geen echte hoogvliegers.

Dan naar Pitlochry. Na een rit van nog eens 150km komen we aan in de Edradour Distillery. Deze distillery ligt op 1 kilometer van onze Bed & Breakfast dus da’s makkelijk. Dit is werkelijk een prachtige distillery. Mooi gelegen in de heuvels en een echte farm-distillery. Het eerste wat we mogen doen is al 2 drams proeven tijdens de vertoning van een filmpje. Een 10-jarige Edradour die op Oloroso vaten is gerijpt en een 8-jarige die op Ruby port vaten is gerijpt. Edradour is trouwens de enige die Ruby port vaten gebruiken. Ze bieden ook nog een crème likeur aan maar die laten we wijselijk liggen. Vervolgens bezoeken we de warehouse. Hier liggen honderden vaten te rijpen en dat hadden we niet verwacht van de kleinste distillery van Schotland. We zien ook vaten van andere distilleerderijen zoals Macallan en Bruichladdich. Edradour heeft z’n eigen bottelarij en zet ook andere merken op fles onder de naam Signatory (Vintage). We zien nog eens het productieproces in de mooie gebouwen van Edradour en kopen daarna ieder een fles in de shop. Een ‘Straight from the Cask’ van 10 jaar voor Petro en een 13-jarige ‘Natural Cask strength’ voor mij. Beide op sherry vaten gerijpt.  

’s Avonds nog een hapje eten in Pitlochry gevolgd door een wandeling. Terug in onze B&B proeven we van onze nieuwe Edradour aanwinsten terwijl we kijken naar de Champions League finale op tv. Can it get any better than this?


Dag 3 – 26 mei

Vandaag rijden we van Pitlochry richting Speyside. Ons hotel ligt in Dufftown maar eerst doen we een bezoek aan de Strathisla en Glendronach Distillery. Strathisla is een distillery van de Chivas brothers. Men zegt dat dit één van de mooiste is van Schotland maar die van Edradour gisteren vonden we mooier. De rondleiding gaat nogal haastig en we hebben de indruk dat alles in een strak schema moet gebeuren. Na de rondleiding proeven we 3 drams in de ‘tasting room’: een Chivas 12yo, een Chivas 18yo en een Strathisla 12yo.  Daarna nemen we in de lounge nog een Strathisla 15yo Cask Strength Edition. Deze is een stuk lekkerder dan de 3 voorgaande en deze fles gaat dan ook mee naar huis.

Daarna richting Forgue waar de Glendronach Distillery gelegen is. Omdat we grote fan zijn van Glendronach hadden we de ‘Premium Tasting Tour’ geboekt. Van Marc, de voorzitter van onze whiskyclub, moesten we voor Alan McConnoghie wat Duvels meenemen. Hij blijkt nl. grote Duvelfan te zijn en Marc had wat flesjes beloofd tijdens zijn laatste bezoek. John was er echter niet maar onze rondleidster, Hannah, beloofde plechtig dat zij de flesjes zou overhandigen. Na de rondleiding kregen we 4 heerlijke drams voorgeschoteld: de Octarine 8yo, de Cask Strength batch 2, de 20yo Pedro Ximenez en een dram rechtstreeks van vat #1618. Dit is een 20-jarige op een Oloroso vat gerijpte whisky. Vanuit dit vat kun je ook zelf je fles vullen, wat we uiteraard ook deden want deze is heerlijk.

’s Avonds trokken we naar de befaamde Highlander Inn in Craigellachie. Dit is een bar-restaurant met meer dan 400 whisky’s. Na een heerlijke maaltijd besloten we nog 1 drammetje te nemen aan de bar. Voor Petro een 20 jarige Ardmore van Wemyss Yellow Mariner en voor mij een 16 jaar oude Clynelish van de Berry Bros. Alle twee zeer de moeite. 


Dag 4 – 27 mei

Vanochtend staat de Glen Grant Distillery op het programma. Om 9u30 komen we er aan. We worden ontvangen door een nogal strenge ‘schooljuffrouw’. Zij is blijkbaar ook onze gids. We worden ook door haar streng aangemaand geen foto’s te maken in de gebouwen. Ze doet me denken aan een bevelhebster van één of ander strafkamp. We zullen dus maar beter geen stiekeme foto’s maken. Na de tour krijgen we een interactief filmpje te zien met ‘special effects’. Als er een stoomlocomotief in beeld komt krijgen we een wolk stoom over ons heen. Deze ruikt echter naar muffe schimmel. Lekker. Als er gesproken wordt over de ‘nose’ van een whisky die naar fruit en bloemen ruikt, wordt er een ditto geur in de kamer verspreid. Een soort van automatische toiletverfrisser. Hierna krijgen we 2 drams: The Major’s Reserve van 5 jaar en een 10 jarige Glen Grant die op bourbon- en sherryvaten is gerijpt. Niet veel soeps. Italianen zijn er blijkbaar wild van, wij een stuk minder.

Om 11u30 worden we verwacht in de Speyside Cooperage. Hier worden de vaten gemaakt voor voornamelijk de whisky distilleerderijen. We zijn echt onder de indruk want dit is nog echte noeste handenarbeid. De mannen worden betaald per vat die ze maken of repareren. Het duurt volgens de gids 4 jaar vooraleer ze de stiel onder de knie hebben. Achteraan het magazijn zie je de stagiaires aan het werk. Dit gaat duidelijk minder vlot dan bij de ervaren mannen. De vaten worden uiteindelijk getest met vloeistof en perslucht om te zien of werkelijk volledig dicht zijn.

We besluiten te gaan lunchen in de Glenfiddich Distillery. Glenfiddich ligt vlak naast de Balvenie Distillery dus hier gaan we eerst even langs. Hier is echter weinig te zien dus we trekken gauw wat foto’s en gaan dan naar de buren. Glenfiddich boert blijkbaar goed want alles ziet er hier luxueus uit. De winkel, de distilleerderij, de koffieshop. Het ziet er allemaal knap uit. We nemen na de lunch wat foto’s en trekken dan naar de Aberlour Distillery waar we om 14u een afspraak hebben.

Bij Aberlour worden we ontvangen door Peter. Peter is het tegenovergestelde van onze gids bij Glen Grant. Hij is zeer grappig en lapt al meteen een aantal veiligheidsvoorschriften aan zijn laars. Zijn stijl van humor en mimiek doen me denken aan Jeremy Clarkson van Top Gear. We komen ook een koppel sympatieke Duitsers tegen die we eerder zagen bij Glen Grant. Zij vertelden ons oa. dat er in Craigellachie een authentieke pub is die de moeite waard is om te bezoeken. We houden het in gedachte. De tour is uitgebreid en we krijgen veel informatie over de distillery en het produktieproces. We krijgen zelfs de wort te proeven. Dit smaakt een beetje naar Witte van Hoegaarden. Na de rondleiding krijgen we een aantal proevertjes: de new spirit, de 10yo, de 16yo, de A’bunadh batch 38, eentje rechtstreeks van de bourbon cask en eentje van de sherry cask. Deze twee laatste mag je zoals bij Glendronach in een fles doen en labelen. Wij kiezen voor de sherry want deze is beduidend lekkerder. We nemen afscheid van de sympathieke Peter en het Duits koppel en rijden nog even naar de Macallan Distillery om wat foto’s te maken. We komen echter niet verder dan de shop want we worden door een Macallan medewerker aangemaand om terug te keren als we richting de distilleergebouwen willen gaan.

’s Avonds belanden we weer in de Highlander Inn. Na wederom een lekkere maaltijd besluiten we ons nachtmutsje in de bar te gaan drinken die het Duits koppel ons aanbeval. Wat verder in Craigellachie komen we Fiddichside Inn tegen. Daar zien de we duitser Roland terug. Het cafe ziet er echt authentiek uit en achter de toog staat Joe, een kranig oudje van 84 jaar. Het kleine cafe is gevuld met een groep Schotse vissers (en jagers vermoed ik). Geen toerist te zien. We drinken samen een Daluaine 15yo, een Benrinnes 15yo en een Glendronach 12yo en dit aan democratische prijzen. Joe blijkt trouwens nog bij Macallan gewerkt te hebben. Om 22u nemen we afscheid want de volgende dag staat er een lange reis voor de boeg.

 

Dag 5 – 28 mei

Vandaag is er niet veel gebeurd want we hebben we een lange rit achter de rug. Om 9u15 vertrokken we van Dufftown naar Oban. De bedoeling was dat we in Oban de Oban Distillery zouden bezoeken maar het is er enorm druk en alle plaatsen zijn bezet. We mogen wel de exhibitieruimte zien en eventueel wat Oban malts proeven in de Tasting Bar. De proeverij hebben we uiteindelijk niet gedaan. In de plaats rijden we door naar Kennacraig waar we de boot naar Islay nemen. De zon begint ondertussen fel te schijnen en bij aankomst op Islay na 2 uur varen is het schitterend weer. We rijden een klein half uurtje naar onze B&B (de Lyrabus Croft) te Gruinart en we kijken onze ogen uit. Mooie landschappen met de zonsondergang over de meren, ruïnes,... Het is werkelijk prachtig.

Bij aankomst worden we ontvangen door Deirdre en Gibson. Het blijken lieve mensen en we worden begeleid naar onze kamers. Die zien er zeer verzorgd en comfortabel uit. We hebben zelfs een gevulde koelkast. We kijken uit het raam en we zien een spectaculair zicht. In de verte zien we Bruichladdich en het grote meer van Loch Indaal.  Terwijl we genieten van het uitzicht maken we een fles Glendronach Parliament 21yo open en drinken nog een laatste drammetje. Sláinte! 

 

Dag 6 – 19 mei

Vandaag worden we om 10u30 verwacht bij Ardbeg voor een ‘Tour & Full Range Tasting’. Aan de receptie geven we onze naam door. De dame vraagt ons of we vrienden van Marc Vranckx zijn. We bevestigen en krijgen te horen dat we niets hoeven te betalen. Bedankt Marc!! De tour is top. We krijgen de distillery te zien en daarna gaan we aan de rand van het water genieten van 5 Ardbegs: de 10 jaar oude, de Blasda, De Alligator, de Corryvreckan en de Uigeadail. Het uitzicht over de zee is fantastisch. We drinken niet alles op want we hebben nog heel wat voor de boeg. We komen op weg naar de koffieshop de Distillery Manager, Michael Heads, tegen en we mogen met hem op de foto. Toffe kerel.
We eten wat in de koffieshop van Ardbeg (the Old Kiln Cafe) en rijden dan door naar de Laphroaig Distillery. Daar proeven we van de Laphroaig Cairdeas, de speciale botteling voor het Music and Malt Festival (dewelke momenteel aan de gang is op Islay). Deze ‘Portwood’ is zeer lekker en ik neem dus 2 flessen mee voor m’n vrienden Erwin en Danny. Petro neemt er ook eentje voor zichzelf.

Daarna is het de beurt aan Bowmore waar men open deurdag heeft. Hier hebben we een speciale tasting geboekt: ‘Mystery Malts in the Vault’. We trekken naar Warehouse Nr 1, de oudste warehouse van Schotland en de enige warehouse die onder zeeniveau ligt. In deze ‘vault’ hebben legendarische Bowmores gerijpt. De tasting wordt begeleid door Rachel Barrie, master blender van Bowmore, en Eddie MacAffer, de distillery manager. We krijgen hier een absolute primeur te proeven want de whisky’s zijn nog niet verkrijgbaar in de handel. Buiten de Bowmore medewerkers heeft niemand deze whisky’s geproefd, benadrukt Rachel. Het zijn stuk voor stuk heerlijke drams maar vooral de laatste is erg verrassend. Deze is op sherryvaten gerijpt en Rachel noemt deze whisky ‘The Devil’s Mystery’. Bowmore heeft niet bepaald een traditie in op sherryvaten gerijpte whisky maar deze is erg geslaagd. We mogen nog met Rachel en Eddie op de foto en trekken daarna richting Port Ellen voor een bezoek aan de Lagavulin Distillery. Bij Lagavulin hebben we een standaardtour geboekt en achteraf proeft Petro van de Distiller’s Edition en ik van de 12yo Cask Strength. Lagavulin is altijd lekker dus wij tevreden.

Als je een fles Laphroaig koopt kun je je inschrijven om een ‘Friend of Laphroaig’ te worden. Je krijgt dan een stukje land van 1 vierkante voet (1 square foot) in de nabijheid van de Laphroaig Distillery. Je krijgt dan de GPS coördinaten en dan kan je een vlaggetje plaatsen op je stuk grond. Erg ludiek en Petro heeft dan ook z’n vlaggetje op z’n stukje grond geplaatst. Hij kan er misschien later een cavia op zetten.


Dag 7 – 30 mei

Vandaag om 11u15 hebben we afspraak bij Bruichladdich maar we slaan eerst af richting de Kilchoman Distillery. Na flink wat kronkelwegen door de heuvels komen we na 6 km eindelijk aan. Een oude man zegt ons dat de parking vol staat en dat we een shuttlebus naar de distillery moeten nemen. Dit gaat ons echter allemaal te veel tijd kosten en we besluiten maar naar Bruichladdich te gaan. We zijn goed op tijd en krijgen van de receptioniste een drammetje van een 21-jarige op rum casks gerijpte ‘Laddie’. Zeer lekker. Om 11u15 komt onze gids ons halen voor een wederom zeer speciale tasting nl. een tasting ‘Straigth from the Cask’. We zijn blijkbaar alleen en we gaan naar 1 van de warehouses waar de vaten opgeslagen staan. Daar staat een line-up van 3 vaten en net zoals bij Bowmore krijgen we primeurs te proeven: een 23 jaar oude Bruichladdich gerijpt op een Bourbon hogshead, een 7 jaar oude Port Charlotte (niet de PC7 maar een zachtere variant) en als kers op de taart: een 10 jaar oude Octomore. Deze Octomore heeft ‘maar’ 80 ppm omdat de oudere Octo’s niet zo veel phenolen bevatten. Maar deze is wel stukken beter dan pakweg de Octomore 5.1, ruig maar toch elegant want gerijpt op wijnvaten van Chateau d’Yquem.  Een leuk detail is dat we de whisky zelf uit de vaten mogen halen met een valinch. En het water waarmee we onze mond spoelen is afkomstig van hun bron in Port Charlotte. Tenslotte krijgen we in de shop nog een proevertje van de Cuvee 407 PX voor mij en de Cuvee 640 Eroica voor Petro. Dit was weer absolute top!

We rijden richting Port Askaig voor de ferry terug naar het vasteland. De boot vertrekt om 15u30 dus we hebben nog even om een distillery op de weg te bezoeken. We kiezen voor Caol Ila. Bij aankomst zien we een lelijke distillery en er valt weinig te beleven dus we besluiten door te rijden naar Bunnahabhain. Dit is een oude distillery en dat valt oa. te zien aan het oubollig behang in de shop maar het heeft allemaal wel charme. Na wat foto’s rijden we door naar Port Askaig waar de ferry nemen. Rond 17u30 komen we aan in Kennacraig en dan hebben we nog een rit van 2u30 voor de boeg naar het hotel in Balmaha bij het Loch Lomond.


Dag 8 – 31 mei

Het zit erop. Vandaag is onze laatste dag in Schotland. We genieten van ons laatste Schots ontbijt en tevens laatste distillery bezoek. Op de weg terug gaan we nog even langs bij Glengoyne in Dumgoyne. We worden ontvangen door Arthur, een koddige, kale man in een tartan broek. Een Duits koppel komt er wat later bij. Die stellen tijdens de rondleiding een spervuur aan vragen en de vooropgestelde 45 minuten wordt al gauw meer dan een uur en een kwartier. We zitten op hete kolen want we hebben een ferry te halen. Die Duitser klinkt een beetje als Herr Gruber van ‘Allo ‘Allo! ‘How many literz are going in ze Mash Tun?’ De tour zelf is goed. Glengoyne is geen massa distiller en doet alles op het gemak. Ze hebben het traagste distillatieproces van heel Schotland. En hij is echt heel lekker. De Glengoynes die ik reeds geproegd heb (12yo, 17yo en de Cask Strength) zijn echt goed spul.

Rond 11u30 rijden we van Dumgoyne richting Newcastle voor onze ferry en om 15u15 komen we aan in Newcastle-upon-Tyne. Na paspoortcontrole rijden we door een hangar waar iedereen moet stoppen. We zien douaniers een auto doorzoeken en een Duitser wordt zelfs gefouilleerd. Slik. We krijgen het warm. We hebben in totaal 17 flessen whisky in de koffer zitten dus we hebben reden om het even benauwd te krijgen. Alhoewel, we hebben whiskyfanaten gezien die met veel meer flessen op de boot gingen. Het is onze beurt. We geven onze paspoorten nog eens af en we mogen dan gewoon doorrijden. Een half uur later zitten we al op de boot. Om 18u zitten we aan tafel van het Explorers Grill restaurant en verorberen een T-bone steak. Daarna besluiten we om in onze kajuit een aantal drammetjes te drinken. ‘Stairway to Heaven’ van Led Zeppelin klinkt op de kajuitradio. Een ideale afsluiter van een geweldige trip. Sláinte.

 

Reisverhalen > Whiskytrip Petro en Alex 2013 / Schotland Speyside 2007 / Schotland Islay 2008 / Bruichladdich 2013
Zoeken
Wat doen we?

Tastings

Excursies

Genieten van natuur

Contact Info

The Middle Cut
Whisky Club Lubbeek


the.middle.cut@proximus.be